Doorvergaderde bedrijfseikels

Vanaf deze week heb ik tweewekelijks een column in Vacature Magazine. Dit is de eerste. Vacature Magazine kan u hier gratis lezen.

’t Is niet zo lang geleden, maar ’t lijkt een ver verleden: ooit werkte ik op een kantoor. Ik deed ‘iets in de culturele sector’, al moet ik achteraf toegeven dat ik er vaak niets verrichte, en nooit de kunst onder de knie kreeg om te doen alsof ik het drukdrukdruk had. Lees verder

Het kiertje licht dat leven heet

Deze column verscheen in de Krant van West-Vlaanderen van 19 april

Iemand die ik graag zie, raadde me onlangs aan Geheugen, spreek (1951) van Vladimir Nabokov te lezen. Op het oordeel van sommigen vertrouw je blindelings, dus ik kocht het boek en sloeg het meteen open. De eerste zin van Nabokovs autobiografie is een van de bekendste uit zijn oeuvre en was me dus vertrouwd, maar niet eerder trof ze me zoals nu: “De wieg schommelt boven een afgrond en het gezond verstand zegt ons dat ons bestaan niet meer is dan een vluchtig kiertje licht tussen twee eeuwigheden van duisternis. Weliswaar zijn die twee een eeneiige tweeling, maar in de regel beziet de mens de afgrond voor de geboorte met meer kalmte dan die waarnaar hij op weg is.” Lees verder

Het valse gebit van de Ronde van Vlaanderen

Dit opiniestuk verscheen in De Morgen van 9 april

“De Ronde van Vlaanderen: de enige hoogmis die er vandaag toe doet”, twitterde ik op paaszondag net voor de start van ‘Vlaanderens Mooiste’. Mijn afkeuring voor het gewijzigde parcours zónder de Muur had ik her en der al laten blijken, maar welaan: op de dag van de verrijzenis des Heren moet zelfs een ongelovig mens zijn best doen om enige gevoelens van hoop, geloof en liefde te etaleren. Zodoende at ik olijk nog een chocolade-ei en durfde ik te denken dat het met de tweede editie van de ‘nieuwe’ Ronde wel zou meevallen. Lees verder

Internering is geen internaat

Normaal plaats ik mijn columns voor De Morgen over de rechtbank niet online, maar omdat deze veel reacties uitlokte, maak ik een uitzondering. De column verscheen in de krant van afgelopen zaterdag 30 maart.

‘Elke week beschrijft auteur Ann De Craemer het wedervaren van mensen in hun confrontatie met Vrouwe Justitia’, staat onder deze column. Wekelijks breng ik daarvoor tijd in een rechtbank door, maar niet de voorbije zeven dagen. Ik was niet ziek. Ik stond niet in de file. Ik ging bewust niet naar de rechtbank uit protest tegen de uitspraak in het proces-De Gelder. Lees verder

De Ronde van Vlaamse nostalgie

Deze tekst verscheen in De Standaard van 30 maart en is een ingekorte versie van een tekst die verscheen in de Ronde van Vlaanderen-special van het Nederlandse wielertijdschrift De Muur.

Retrobeurzen, naaicursussen en de revival van de moestuin: we leven in nostalgische tijden, en ook in de koers is nostalgie naar de wielrennerij van weleer alomtegenwoordig. Wielertoeristen tooien zich in truitjes van Molteni, Faema of Alcyon; het Centrum Ronde van Vlaanderen organiseert dit jaar voor de zevende keer een RetroRonde van Vlaanderen, waarbij ‘de toertocht wordt gereden op historische fietsen en de renners zijn gehuld in vintage koerskledij’, en glossy boeken over wielerhelden als Fausto Coppi en Eddy Merckx vliegen de deur uit. Die nostalgische revival in de wielrennerij staat niet geïsoleerd: nostalgie lijkt een grondsentiment van onze tijd geworden. Lees verder

De blauwe fiets van Kim De Gelder

Vandaag valt de uitspraak in het proces-De Gelder. Op 9 maart schreef ik over Kim De Gelder deze column voor De Morgen.

Vooraan in de assisenzaal staat tussen de bewijsstukken zijn blauwe fiets, en terwijl buiten de lente met luide trom haar intrede doet, overvalt mij deze vreemde bedenking: zou Kim De Gelder wensen dat hij met die fiets een ritje kon maken, genietend van de weldaad van de eerste zonnestralen? Lees verder

Column: Leve het godsdeeltje

Deze column verscheen in de Krant van West-Vlaanderen van 22 maart

Als een buitenaardse ontdekkingsreiziger uit Verweggistan op het Sint-Pietersplein in Rome was gestrand op de dag dat daar de nieuwe paus aan stad en wereld werd voorgesteld, had men hem probleemloos kunnen wijsmaken dat hij in het jaar 1302 in plaats van 2013 was terechtgekomen. De tijd staat nimmer stil, maar dat is buiten Vaticaandorp gerekend: toen om zeven over zeven het journaal werd onderbroken voor het ‘nieuws’ van de witte rook uit de pauselijke schoorsteen, leek ik in een aflevering van The Borgias te zijn beland. Nonnen keken met gretige ogen naar het balkon waarop dra hun nieuwe herder zijn opwachting zou maken, en nadat een schriel kardinaaltje de woorden ‘habemus papam’ had gemurmeld, verscheen Bergoglio ten tonele en weerklonk op het Sint-Pietersplein een gejuich dat je alleen zou verwachten als de Heer Hemzelve naar dees’ aarde zou terugkeren – maar Jezus zelf is kennelijk de Bijbelse zonde der ledigheid toegedaan, want zijn belofte is hij na tweeduizend jaar nog steeds niet nagekomen. Lees verder

Mijn nieuwe buurvrouw

Nadat intussen acht jaar geleden mijn eerste artikel ooit in die krant verscheen, stond ik gisteren opnieuw in de Krant van West-Vlaanderen. Ik zal er elke maand een column hebben. Omdat dit de eerste is, plaats ik ‘m hier online.

Waarschijnlijk zag ik haar voor het eerst toen ik een maand geleden sneeuw ruimde op het platform achter mijn terras en daar brood voor de vogels gooide. De plek waar ik woon biedt uitzicht op de achterkant van een residentie met serviceflats voor bejaarden, en terwijl vlokken uit de lucht dwarrelden, zag ik haar bij het raam zitten. Ook zij keek naar buiten, al weet ik niet of ze tussen de takken van de bomen die ons scheiden ook mij opmerkte. Ze dronk koffie en op haar benen lag een deken. Lees verder

Column ‘De Morgen: ‘Het dorp bestaat niet meer’

Toen mijn vader op 26 juni 1959 als zestienjarige jongen toekeek hoe Rik Van Looy de handen in de lucht gooide tijdens de negende Tielt-Antwerpen-Tielt, zag hij daar ook een verschijning die hem altijd is bijgebleven en die op bijna alle plaatselijke wielerwedstrijden opdook: een zwarte man, toen nog ‘neger’ genoemd, maakte zijn tocht langs dranghekkens met in zijn hand een doos snoepjes en schreeuwde luid ‘Karra Boeia, Karra Boeia, Spekka voor de keela.’ Lees verder