Melancholie op muziek, door Mohsen Namjoo

Dit is zonder twijfel een van mijn favoriete Perzische liedjes, geschreven en gezongen door Mohsen Namjoo, die door The New York Times ook wel ‘the Bob Dylan of Iran’ werd genoemd.

Melancholie op muziek gezet. Hier de vertaling:

Ey Sareban, Ey karevan, Leylaye man koja mibari?

Ba bordane Leylaye man, jaan o dele mara mibari

Ey Sareban koja miravi? Leylaye man chera mibari?

Ey Sareban koja miravi? Leylaye man chera mibari?

Oh jij kameeldrijver, oh jij karavan! Waar neem je mijn Leili (= mijn geliefde)* mee naartoe?

Terwijl je mijn Leili meeneemt, neem je mijn hart en ziel mee,

Oh jij kameeldrijver, waar ga je naartoe? Waarom neem je mijn Leili met je mee?

Oh jij kameeldrijver, waar ga je naartoe? Waarom neem je mijn Leili met je mee?

Lees verder

Perzisch liefdesverhaal ‘Khosrow en Shirin’ moet na acht eeuwen worden gecensureerd

 

Het Iraanse Ministerie van ‘Cultuur’ slaat weer toe met een misselijkmakende censuuractie. Gisteren werd bekend dat het eeuwenoude epische liefdesverhaal ‘Khosrow en Shirin’ alleen nog mag verschijnen indien het wordt gecensureerd.

‘Khosrow en Shirin’ is een meesterwerk dat in 1177 werd geschreven door Nezami Ganjavi (1141-1209) en in 1180 voor het eerst verscheen. Het maakt onlosmakelijk deel uit van de Perzische literatuur en cultuur – het is zelfs erfgoed geworden, zoals veel van Irans literaire klassieken.

Maar 831 jaar na de publicatie van het boek heeft het Ministerie van Cultuur en Islamitische Leiding beslist dat bepaalde delen van het boek moeten worden gecensureerd. Toen Peydayesh Publiciations, dat het boek uitgeeft, besliste om na jaren de lay-out van het werk te veranderen ter gelegenheid van de achtste editie, moest het naar het Ministerie worden gestuurd ter goedkeuring. Groot was de verbazing van de uitgeefstser, Fariba Nabati, toen haar werd meegedeeld dat bepaalde delen moesten worden aangepast, zoals de zinnen ‘liet niets over van de wijn tijdens de dronkenschap’ en ‘ergens naartoe gaan waar we alleen kunnen zijn’ en ‘handen vasthouden’.

Sinds de Islamitische Revolutie van 1979 zijn verwijzingen in boeken naar fysiek contact tussen man en vrouwen verbannen wegens ‘immoreel’, evenals verwijzingen naar alcoholgebruik. Een overigens schitterend recent literair werk over de waanzin van de Iraanse censuur is Censuur. Een Iraans liefdesverhaal (2009) van Shahriar Mandanipour – in het Nederlands vertaald en verschenen bij Mouria Uitgeverij. Lees hier een interview met de auteur.

bron: TehranReview

Iran gaat ‘mensenrechten verdedigen’ in Londen

Als je Iran al lang op de voet volgt, leer je bij berichten als deze zelfs een beetje (wrang) te glimlachen. Nadat president Ahmadinejad het Verenigd Koninkrijk een veeg uit de pan heeft gegeven voor de aanpak van de relschoppers in Londen en bij de Veiligheidsraad van de VN, die hij hypocriet noemde, aandrong om tot actie over te gaan, wordt vandaag bericht dat twee bataljons van de gevreesde Iraanse Basij-militie, die maatgevend betrokken was bij het gewelddadig neerslaan van een volksopstand in Iran eind 2009 na de gefraudeerde presidentsverkiezing, klaarstaan om naar Londen af te reizen.

Dat heeft de commandant van de militie, Mohammad Reza Naghdi, gezegd. De eenheden – door hem aangeduid als ‘vredestroepen’ – moeten helpen de rust in Londen te herstellen.

Bij het Iraanse staatspersbureau IRNA gaf Naghdi aan het ‘herstellen van de rust’ een bijzondere invulling: de Basijmilitie moet de mensenrechten verdedigen en de onderdrukten in Londen, Liverpool en Birmingham, zo zei hij.

Volgens Naghdi worden de opstandelingen in Groot-Brittannië ten onrechte bestempeld als plunderaars en saboteurs. “De misdaden van de despotische Britse monarchie tegen de onderdrukten in dat land, gaan door”, stelde Naghdi. De Basij-commandant gaf wel aan dat zijn eenheden pas zullen afreizen als de VN het groene licht geeft.

De Islamitische Republiek acht zichzelf geroepen om elders in de wereld mensenrechten te verdedigen, terwijl ze vergeten in de spiegel te kijken. Nou ja, vergeten doen ze het niet, natuurlijk. Ze weten heel goed waarmee ze bezig zijn en uiten zich opnieuw als islamitische, machtsgeile hypocrieten die ervan genieten de eigen bevolking te sarren en daar nog een scheut bovenop doen door elders mensenrechten te gaan ‘verdedigen’.

bron: De Stentor

‘A Seperation’: nieuwe bejubelde Iraanse film

Als u bij dit regenachtige weer een goede film wil zien, één advies: A Seperation van Asghar Farhadi. Zelf moet ik de film nog gaan kijken, maar hij wordt nu al alom bejubeld. Hieronder de recensie van Volkskrant-recensent Bor Beekman. Hij vindt het een vlekkeloos geregisseerd, schrijnend drama waarin twee stellen elkaar naar het leven staan.

Zij wil emigreren, voor de toekomst van hun dochter. Hij wil blijven, om zijn met alzheimer kampende vader te verzorgen. Trouwens: wie garandeert hem dat de toekomst van hun dochter in het buitenland beter is?

Zo belanden Nader en Simin na veertien jaar huwelijk bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. De scheiding wordt bevestigd, maar biedt geen soelaas: zonder toestemming van vader mag hun 11-jarige dochtertje überhaupt Iran niet uit.

Hulp in de huishouding

Als Simin bij haar ouders intrekt, huurt Nader een hulp in de huishouding in om de zorg voor zijn vader te dragen, zelf is hij daarvoor overdag te druk. De vrouw, Razieh, heeft het kleine beetje salaris hard nodig, maar is niet opgeleid voor zulke zware verzorgende taken en worstelt met haar geloofsvoorschriften – mag ik een vreemde man wel verschonen?

Het conflict ligt op de loer, en manifesteert zich in een mix van pech, onachtzaamheid en onbegrip. Vader is een middag alleen gelaten. Nader beschuldigt de hulp en zet de tegenstribbelende vrouw het huis uit. Zijn duw leidt tot een val, of niet. En tot een miskraam, of niet.

Hitchcockiaanse meester

De Iraanse scenarist en regisseur Asghar Farhadi (39) toont zich een Hitchcockiaanse meester in het uitzetten van (valse) sporen, waarbij oorzaak en gevolg en de daaruit volgende schuldvraag voortdurend verschuiven. Tegelijk is zijn drama A Separation een messcherpe analyse van de huidige Iraanse samenleving, en de tweedeling onder de bevolking.

Nader en Simin representeren de (seculiere) middenklasse, en komen tegenover de ongeschoolde Razieh en haar heethoofdige echtgenoot te staan – die niet op de hoogte was gesteld van de bijbaan van zijn vrouw, en zich aangetast voelt in zijn eer. Er gaapt een kloof tussen de hogere en lagere klasse, die wordt opgerekt wanneer de ene partij de andere aanklaagt wegens doodslag. Overtuigd van het eigen recht storten de stellen elkaar, en zo uiteindelijk zichzelf, almaar verder het ongeluk in.

Groot verteltalent

Dat Farhadi daartoe geen moment toevlucht neemt tot overdrijving, getuigt van een groot verteltalent; elke wending is even plausibel, even realistisch. Hij nodigt de kijker wel uit te oordelen, maar laat die neiging almaar botsen op voortschrijdend inzicht – geen van de volwassenen is volkomen eerlijk, elk van hen is te begrijpen.

In het nauw gebracht sjoemelen Nader en Simin met getuigenissen. Razieh, die niet minder klemzit, manipuleert middels haar geloof, en haar gefrustreerde man speelt de hem resterende troef uit en dreigt met geweld: ‘Ik heb toch niks te verliezen.’

A Separation, op het filmfestival van Berlijn met de Gouden Beer bekroond, is vrijwel vlekkeloos geregisseerd en kan bogen op uitstekende acteurs, onder wie de Iraanse steractrice Leila Hatami (als Simin). Wat de film zo doet schrijnen, is de suggestie dat de ruzie met een beetje kundige bemiddeling zo verholpen zou zijn, en eigenlijk door geen van de partijen gewenst is. Maar elke poging om de zaak te schikken, van beide kanten, stuit op hindernissen als trots, argwaan en religie, en de nauwelijks met een menselijke maat metende Iraanse wetgeving.

Door op enkele momenten iets van lichtheid toe te laten, een flard humor, behoedt Asghar Farhadi zijn film voor een loodzware tred. Je blijft hopen op een goed einde.

Saved by Islam – how an Iranian holy man rescued us from jail


Our hero, Hojatoleslam Hosseini   © Pieter-Jan De Pue

The room is full of garish plastic flowers that make it impossible to concentrate on what the man seated in front of me is saying. Not helping matters is the overwhelming heat, which has me fidgeting uncomfortably in my chair. The black chador draped over my head—in keeping with Islamic dress code—falls, and a sweaty clump of hair slips to my shoulder. Mr. Hosseini, one of the highest-ranking Islamic leaders in Qom, Iran’s religious capital, doesn’t notice. He is rhapsodizing.

“There is a reason why I want to meet personally journalists who visit the Hazrat-e Masumeh shrine,” Hosseini informs me through my translator and guide. “There are many misunderstandings about Islam. I want you to remember this: Islam is peace. Unfortunately, politics always separates people. But we are not hostile to anyone.” Clearly, he means it, but I’m being forced to listen so it isn’t very convincing.

I’ve only just arrived in the sleepy city of Qom with my photographer, Pieter-Jan, after a one-week stay in press-packed Tehran. In the taxi from the train station to the city center, our driver was puzzled: “Beh name khoda, in the name of God, what are you doing here?” Before I could explain that we’re here gathering research for an upcoming book on youth movements, he caught my eye in the rearview mirror, smiled, and shook his head. “There are rarely any foreigners in this city—not even journalists. You will be the talk of the town.” He dropped us at the Hazrat-e Masumeh, the holiest shrine in Qom, and we quickly understood what he meant. “Salam khareji! Hello, foreigner!” a young man waved at me from the other side of the street. “Be behesht khosh amadid! Welcome to paradise!”


Hazrat-e Masumeh: The holiest shrine in Qom, one of Iran’s most holy cities  © Pieter-Jan De Pue

We had barely entered the shrine when the head supervisor insisted we come with him to the office of the local hojatoleslam. This title is given to clerics of advanced standing in Islamic studies—in essence, influential interpreters of the Koran and setters of the moral standard. They wield immense power in every echelon of Iranian culture, and it was made obvious that if we refused to meet with him, we would not be interviewing or photographing anyone anytime soon. “Don’t worry. Mr. Hosseini just wants a friendly talk with you,” the supervisor said to us. I’d had a similar chat with civil authorities in Tehran—it is a strange thing to get accustomed to. Lees verder

Toch geen zwavelzuur in ogen van Iraanse man

Wat ik hier al eerder had ‘voorspeld’, is waarheid gebleken: een Iraanse man die zwavelzuur in de ogen van een vrouw had gespoten en als straf hetzelfde lot zou ondergaan, heeft op het laatste moment pardon gekregen van zijn slachtoffer. De ‘oog-om-oog’-actie is daarmee van de baan, meldden Iraanse staatsmedia.

De man, Majid Movahedi, spoot in 2004 zwavelzuur in het gezicht van Ameneh Bahrami, omdat zij verscheidene huwelijksaanzoeken had afgewezen. Sindsdien is zij blind en is haar gezicht verminkt. Operaties in Spanje hebben geen baat gehad. Bahrami zou zondag met een pipet zwavelzuur in beide ogen van Movahedi spuiten.

Ik heb altijd gedacht dat de straf nooit zou worden uitgevoerd. Daar ben ik blij om, want ik hou niet van ‘oog om oog’, maar wat het tegelijk ook op een wrange manier aantoont, is dat in de Islamitische Republiek een vrouw het nooit zal ‘winnen’ van een man.

bron: de Volkskrant

‘Het kleine zwarte visje’: mijn eerbetoon aan Farzad Kamangar

Farzad Kamangar als leraar in Koerdistan

Vorig jaar werden op 9 mei in de beruchte Evin-gevangenis in Teheran vijf politiek gevangenen uit Koerdistan opgehangen: Farzad Kamangar, Ali Heydarian, Farhad Vakili, Mehdi Eslamian en Shirin Alam Holi. De vijf zouden banden hebben gehad met “antirevolutionaire groeperingen”. Het Iraanse regime zei dat de vijf lid waren van de pro-Koerdische groepering PJAK, de Partij voor een Vrij Leven van Koerdistan (PJAK), die nauwe banden heeft met de Arbeiderspartij van Koerdistan (PKK).

De bekendste van de vijf was Farzad Kamangar (1975). Hij was twaalf jaar lang leraar in het Koerdische dorp Kamiaran. Op 19 augustus 2006 werd hij gearresteerd. Kamangar werd wel eens vergeleken met de beroemdste leraar van Iran en de schrijver van het verhaal waarvan mijn vertaling net in de boekhandel ligt: Samad Behrangi, die met zijn wereldberoemde Mahiye siah kuchulu (1968) of Het kleine zwarte visje ook zijn verzet uitte tegen het regime van de sjah en tegen een dictatoriale levenswijze. Tijdens de Iraanse Revolutie van 1979 was dit een veelgehoorde leuze: Rahe Samad rahe mast, Samad moalleme mast. Vertaald: De weg van Samad is onze weg, Samad is onze leraar. Lees verder

‘Het kleine zwarte visje’ mag gaan zwemmen


Vandaag kreeg ik de eerste exemplaren van mijn vertaling van Het kleine zwarte visje, dat binnen een paar dagen in de boekhandel ligt.

Het kleine zwarte visje is zoveel meer dan een kinderverhaal. Samad Behrangi, een immens populaire dorpsleraar die werd vermoord door aanhangers van de shah, schreef het ook als een allegorie voor het verlangen naar vrijheid onder een dictatoriaal regime. Het verhaal sluit dus uitstekend aan bij wat zich vandaag in de Arabische wereld en het Midden-Oosten afspeelt.

Het kleine zwarte visje woont in een beek met zijn moeder, maar wil de zee zien, en trekt op pad. Maar op zijn weg komt het gevaarlijke dieren als de pelikaan, de reiger en de zwaardvis tegen. Of het visje uiteindelijk ook vrijheid vindt? Daarvoor moet u het boek lezen, en dan nog – en dat is onder meer de kracht van het verhaal – kan ieder zijn eigen invulling aan het einde geven.

“Iraans regime deelt condooms uit om activisten te verkrachten”

De Iraanse autoriteiten gebruiken massaverkrachtingen om de moraal van politieke gevangenen te breken. Het regime van president Mahmoud Ahmadinejad deelt daartoe condooms uit aan criminelen. Dat blijkt uit een reeks brieven van gevangenen en families van gevangengenomen politieke activisten.

Mehdi Mahmoudian (zie foto), lid van de hervormingsgezonde politieke partij Islamic Iran Participation Front, is een van de gevangenen die erin geslaagd is brieven naar buiten te smokkelen die getuigen over de verkrachtingen in enkele van Irans meest beruchte gevangenissen. Mahmoudian werd gearresteerd tijdens de protesten tegen de uitslag van de frauduleuze presidentsverkiezingen van juni 2009 en zit gevangen in Rajaeeshahr Prison in Karaj, 20 km ten westen van Teheran.

“In verschillende cellen in de gevangenissen is verkrachtingen een veel voorkomende en aanvaarde daad geworden,” schrijft hij in een brief die werd gepubliceerd op Kaleme.com, de officiële website van oppositieleider Mir-Hossein Mousavi. Sinds de publicatie van zijn brief zijn nieuwe getuigenissen opgedoken.

Op de oppositiewebsite Jaras vertellen familieleden van gevangenen dat de cipiers niets doen om de verkrachtingen tegen te gaan. “Zij die zich niet kunnen verdedigen en het zich niet kunnen veroorloven om de cipiers om te kopen, worden iedere nacht naar andere cellen gebracht om te worden verkracht”, valt onder meer te lezen.”Criminelen lopen over de luchtplaats met een condoom in hun hand, op zoek naar een slachtoffer. Als het slachtoffer niet sterk genoeg is, wordt hij verkracht. De cipiers doen niets als ze een gevangene met een condoom zien rondlopen, simpelweg omdat ze hem dat condoom zelf gegeven hebben.”

Volgens Mahmoudian, die in een isoleercel zit sinds hij de brieven naar buiten bracht, werd één gevangene in één nacht zeven keer verkracht. “Zij die het slachtoffer zijn van verkrachtingen hebben zelfs een ‘eigenaar’ en die verdient geld door zijn slachtoffer te verhuren aan anderen, en hem of haar na een tijdje aan iemanders te verkopen.”

Iran ontkent, uiteraard, de verkrachtingen. Amnesty International veroordeelt ze. En de wereld? De wereld kijkt toe en blijft verbazingwekkend stil.

bronnen: PowNed, The Guardian

Betancourt in hongerstaking voor Amerikaanse gevangen wandelaars in Iran


Ingrid Betancourt, de voormalige gijzelaarster van de Colombiaanse rebellengroep FARC, gaat in hongerstaking. Ze wil daarmee protesteren tegen de opsluiting van twee Amerikaanse wandelaars in Iran.

De twee zitten sinds 2009 vast. Hun moeders begonnen in mei met een hongerstaking.

Josh Fattal (29) en Shane Bauer (28) werden samen met Sarah Shourd (32) eind juli 2009 aan de Iraans-Iraakse grens opgepakt nadat ze in Iran waren afgedwaald, naar eigen zeggen per vergissing, tijdens een bergwandeling in Iraaks Koerdistan. Sarah Shourd werd wegens gezondheidsredenen op borgtocht vrijgelaten in september 2010. 

De vroegere Colombiaanse presidentskandidate Betancourt, tussen februari 2002 en juli 2008 gegijzeld door de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC), maar ook de Amerikaanse vredesactiviste Cindy Sheehan nemen deel aan de hongerstaking die op 19 mei op gang werd getrokken door Laura Fattal (58) en Cindy Hickey (50). 

De twee vrouwen begonnen de actie uit solidariteit met hun gevangengenomen zonen. Ze hebben vrijdag aangekondigd dat ze zelf ook opnieuw in hongerstaking gaan van zaterdag tot donderdag.

“Iran weet dat Josh en Shane onschuldig zijn, net zoals de hele wereld”, schrijven beide vrouwen in het communiqué, waarin ze de Iraanse autoriteiten vragen “hun hart te laten spreken en hun kinderen onmiddellijk vrij te laten.” De drie wandelaars moeten terechtstaan wegens spionage. Sarah Shourd zal bij verstek gevonnist worden. Hun proces achter gesloten deuren is op 6 februari begonnen. Een nieuwe zitting is ingeschreven voor 31 juli. Er was er eerder al een gepland op 11 juli, maar die werd om onbekende reden uitgesteld.

bron: Het Nieuwsblad